Ik huil niet om muziek. Ik huil niet om boeken. Ik huil niet om films. Maar dit stukje uit Kinderen geen Bezwaar maakte wel dat ik een traantje moest wegpinken..
Moenie weggaan nie jy moet liewer vergeet- maar jy moet net onthou: verby is verby wis uit die tyd van misverstand en die tyd verspil die aanhou probeer om te vergeet van die weggaantyd gister het gebeur moenie weggaan nie
Maar ... ek belowe jou nou: gepêrelde dou juwele van reën want so word ons een ek sal die aarde verskuif tot lank na my dood met glans jou beklee in goue lig doop ek gee jou'n ryk waar die liefde regeer soos die liefde ons leer in ons klein koninkryk moenie weggaan nie
Kom luister na my: in elke- dag- taal vertel ek vir jou 'n liefdesverhaal: twee mense leer twee harte versmelt een liefde ontvlam 'n tweede keer ek vertel 'n verhaal van 'n koning se nood hy sterf van sy liefde want weggaan is dood ... moenie weggaan nie
Het jy al gesien- hoe 'n verkluimde vulkaan wat afgeleef lyk aan die brand kan slaan? ek dink dit is waar 'n veldbrand wat brand maak ryker die oes as 'n ryk somersjaar en kom die nag verhelder die lug as die rooi en die blou in die aandskemer trou moenie weggaan nie
So min bly nou oor: ek huil nie meer ek praat nie meer nie ek wil nie meer nie ek is nie meer nie die lewe is leeg is leeg sonder jou maak my die skaduwee van jou skadu maak my die eggo van die woorde uit jou mond van jou voetstap op die grond moenie weggaan nie
Naar Ne me quitte pas van Jacques Brel
Mijn telefoon heeft een naam. Een echte, originele naam. Verrassend genoeg is het een naam die ergens ook wel een klein beetje bij mij past: Nomnso Kalu. Nu alleen nog uit zien te puzzelen hoe ik dat uit kan spreken! Het staat immers best wel cool om te kunnen zeggen dat ik op zoek ben naar Nomnso Kalu!
Bijzondere namen zijn mooi. Laatst was ik in Rotterdam en daar ging ik naar de Afrikaanse kerk. Dat was een heel fijne gemeente en wat me onder andere opviel, was dat er zoveel kindjes waren. Een van die kindjes, een doddig meisje van ongeveer 18 maanden, heette Amazing. Dat is toch mooi?
Om in Rotterdam te komen, moest ik reizen. Ik ben nog altijd geen gelukkige bezitter van een auto, dus dat betekende dat ik gezellig met de trein mocht. En gezellig werd het zeker *sarcasm*. Er was namelijk een voetbalwedstrijd. En zoals iedereen weet, is voetbal iets voor échte mannen. In Amersfoort werd het station (en dus ook de trein naar Rotterdam) overspoeld door échte mannen. Uitgedost in Feyenoordpakjes, omhuld met Feyenoordsjaals en daarbij ook nog eens Feyenoordonzin uitkramend. En die Feyenoordonzin is behoorlijk antisemitisch. Als dát de echte man is, geef mijn portie dan maar aan Fikkie! *Ik chargeer*.
Wat me overigens verbaasde, was dat antisemitische Feyenoordonzin is toegestaan. Maar ja, ze ontkennen de Holocaust dan ook niet.. Ze zijn alleen niet bepaald subtiel over hun ideeën over joden. Bah, ik word echt een beetje moe van het continue bashen van mensen met een andere culturele, religieuze of financiële achtergrond. En als het maar in een ontspannende setting is, heet het vrijheid van meningsuiting. Al doe je een boerka aan tijdens carnaval. Al schreeuw je onderweg naar een Feyenoord-Ajaxwedstrijd de meest gruwelijke verwensingen richting joden. Wij zijn Nederlanders, wij zijn tolerant.
Gelukkig maakte de dag zelf erg veel goed. Ik was dus in die Afrikaanse kerk en de mensen waren zó hartelijk! We werden aan alle kanten begroet, iedereen heette ons welkom, het was tof. De muziek was ontzettend mooi, alleen was het de bedoeling dat je mee ging dansen bij de aanbidding. Gelukkig was ik samen met een andere Nederlandse vriendin, nu vormden we samen een wit, stilstaand eilandje temidden van al die heerlijk dansende mensen! Het was af en toe wel even puzzelen: de voertaal was Frans. Dat kan ik niet. Gelukkig werd er Engels getolkt!
Ik ben echt dol op internationale kerkdiensten. Ik vind het tof om in het Engels te zingen. Het feit dat er niet in mijn moedertaal gesproken wordt, maakt dat ik beter oplet. En de sfeer is er zó tof!
Ik vind het heel gaaf om te zien dat God echt niet alleen op ons beperkte stukje wereld is. Het laat me zien dat God groter is dan ik denk. Dat Hij ook specialer is dan ik denk. En dat ik, keer op keer, te beperkt van mijn grote God denk!
En dat was het dan. Na dagenlang studeren, tot in de kleine uurtjes tentamenvragen leren, weken stressen, weinig slaap, was het dat dan. 17 minuten duurde het, om al die kennis uit mijn hoofd en in een tentamen te stoppen. Zeventien minuten. Zéventien. En daarvoor studeer je zeventien uren, dagen, maanden, jaren.
Maar na die zeventien minuten was het zeker nog niet afgelopen, gisteren. Integendeel: ik mocht wachten. Want naast al die leuke theoretische kennis, moet je als dokter wel wat meer in huis hebben. Zoals bijvoorbeeld praktische vaardigheden. Zenuwslopend! Samen met een studiegenootje zat ik van 9.17 tot 14.00u te wachten. En te wachten. En ondertussen het lijstje met handelingen door te nemen. En te twijfelen. En te stressen.
Om 14.00 'mochten' we dan eindelijk. We werden opgedeeld in tweetallen en mochten beginnen met een carrouselexamen. Hierbij begin je bij een station, doe je allebei een onderdeel van het examen en daarna ga je naar het volgende station. Onze examens zijn in tweetallen, omdat je bij lichamelijk onderzoek niet alleen een arts, maar ook een patiënt nodig hebt. Je studiegenoot dus. Examen doen betekent dan ook vooral: je heel vaak aan- en uitkleden, mensen die in je buik duwen en porren, mensen die op je gaan kloppen en datzelfde dan ook bij je studiegenoot doen. Nais. Vanochtend kreeg ik de uitslag: voor alle vaardigheden geslaagd! Nu kan ik dus met een gerust hart maandag beginnen aan mijn leuke co-schappen!
Tot die tijd doe ik leuke dingen. Zoals koken. Gisteren kookte (bakte) ik een worteltjestaart. En hij was, al zeg ik het zelf, best wel lekker! Er was vandaag nog een stukje over, dus dat heb ik opnieuw opgewarmd, en toen smaakte het nog beter, dus een volgende keer ga ik 'm eerst een tijd laten staan voor ik 'm serveer.
Ander leuk iets: ik keek gisteren Wie is de Mol. Mijn favoriete donderdagavondprogramma. Dat is ongeveer tegelijk met Wie is de Reisleider, ook een heel erg leuk programma. Dat laatste programma keek ik vanmiddag, onder het genot van het overgebleven stukje worteltjestaart, terug. Nu is RTL niet een omroep die bij mij bekend staat om zijn christelijke levenshouding, om het maar even zo te zeggen. Maar wat schetste mijn verbazing? Op een bepaald moment in het programma werd ineens, na Something in the Water, van Brooke Fraser (die zangeres van Hillsong, en dan vooral bekend van Hosanna), Follow You van Leeland gedraaid! Het gebeurt niet zo vaak dat ik achtergrondmuziek herken *want ik zit niet zo in de seculiere muziek*, maar dit was even een triomfmomentje. Er werd weliswaar in het liedje geknipt (namelijk: het woordje God werd eruitgehaald), maar toch. Er werd gospel gedraaid. Op RTL. Begint men dan eindelijk ook buiten het gospelwereldje in te zien dat niet alle gospelmuziek ouderwets is en van het Oh, happy day-gehalte is. Hoewel ík dat gehalte wel tof vind. Maar de gospelwereld is inmiddels net zo breed als de niet-gospelwereld. Good for me, want ik houd van muziek.
Anyway. Enjoy het bewuste liedje, het is erg mooi! Ik ga verder met genieten van mijn weekend (lees: Flikken Maastricht kijken)!
Het is al een tijdje geleden dat mij naar mijn lievelingskleur gevraagd werd; dat moet zo rond het moment geweest zijn dat ik besloot een doddig, 4-jarig meisje te gaan sponsoren. Inmiddels is het doddige meisje al 7, dus reken maar uit hoe lang dat geleden is. Waarschijnlijk heb ik haar toen verteld dat mijn lievelingskleur rood was. Wat op dat moment ook zo was. Maar de laatste tijd is mijn favoriete kleur toch een beetje gewijzigd: ik ben fan van blauw. Donkerblauw, lichtblauw, felblauw, je kunt het zo gek niet bedenken, of ik vind het mooi.
Maar na gisteren ben ik een beetje minder enthousiast over blauw. Blauw is namelijk leuk, maar als blauw pijn doet, word ik er minder blij van. Ik ging gisteren namelijk onderweg van mijn huis naar mijn faculteit. Het was half 9, en het was lekker, buiten. Niet zo dodelijk koud, de lucht was helder en de zon scheen. Het kwam geen moment in me op dat het ook nog wel eens glad zou kunnen zijn. Het grootste deel van de reis ging goed, maar ongeveer halverwege ging het dan toch mis: ik maakte een haakse bocht en ineens lag ik op de grond. Gelukkig rem ik altijd af voor dat bochtje, dus ook gisteren en daarom maakte ik niet zo'n heel harde klap. Maar mijn knie is blauw. En mijn heup is blauw. En mijn andere knie doet pijn. En mijn bovenarm doet pijn. Arme ik.
Gisteravond gebeurde er trouwens nog iets grappigs: ik heb een nicht die exact hetzelfde heet als ik en zij voegde mij toe op facebook. Toen stond er ineens: Marieke Nogwat is vrienden geworden met Marieke Nogwat.
Oh, en mijn bloopertijd is na gisterochtend nog niet afgelopen. Vanochtend zat ik in m´n bed te studeren en ik ging even verzitten (want mijn knieën en mijn heup doen dus nog steeds pijn) en toen gooide ik mijn tentamenvragen naast mijn bed. Nu heb ik helaas een bed waar je met geen mogelijkheid dingen die gevallen zijn, op kan pakken, dus die vragen blijven daar liggen tot ik ooit ga verhuizen.. Tenzij ik een laatje uit m'n bed sloop.
Anyway. Ik ben nog steeds aan het SOGgen, ik moet dringend weer aan de slag!
En een tijd om te SOGgen. Zoals wel vaker bij mij gebeurt, heb ik totaal geen behoefte om te studeren op het moment dat ik dat wél zou moeten doen. En dat betekent dus dat ik ontzettend veel tijd overheb! Als een struisvogel steek ik mijn kop in het zand. Ik denk niet aan interne geneeskunde, ik denk niet aan tentamens, niet aan co-schappen, niet aan vaardigheden.
Maar wel aan mijn oude weblog. Een puinhoop, zoals je vast wel gezien hebt.
Het goede nieuws is echter: hij leeft weer! Zij het dat het een soort van vegetatieve staat is, zonder nieuwe berichtjes, maar de layout is in ieder geval weer toonbaar. En de berichtjes zijn weer leesbaar. Het is nog lang niet klaar: er staan erg veel lelijke tekens tussen de berichtjes, maar die zullen verdwijnen. Enfin, de conclusie van dit blogsel: als je mijn verleden wilt lezen; ik schaam me niet meer:).
Kan je je nog herinneren dat ik op mijn oude weblog zei dat ik het woord 'fan' een verschrikkelijk en puberaal woord vond en dat ik nóóit zo genoemd wilde worden? Nu had dat een klein beetje te maken met de gillende meisjes die 'fan' van Trinity waren en ik was niet van plan om bij die groep te gaan horen. Hoe leuk ik de muziek ook vond, ik was niet van plan me tot de aanbidders van de gebroeders Smelt te rekenen.
Dat laatste ben ik overigens nog steeds niet van plan. Maar toch, ik moet het bekennen: ik ben fan. Wel niet van Trinity, maar wel van Casting Crowns. Hun nieuwe CD (Come to the Well, voor de liefhebbers) is zo enorm goed! Hij staat helemaal op Youtube, en ik heb 'm alleen vandaag al minstens 6 keer geluisterd. De teksten zijn mooi, de muziek is mooi, en het is perfect om te luisteren onder het studeren. Ik houd ervan!
Overigens ben ik drukker met muziek luisteren, dan met studeren. Terwijl het juist andersom zou mogen (= moeten) zijn: donderdag heb ik tentamen! En daarna heb ik examen van mijn vaardigheden. Interne geneeskunde. Yippie. Ik houd ervan! Maar niet heus.
Maar het is wel leuk om te zien dat ik meer doktersdingen kan dan ooit tevoren. Wist ik een jaar terug vooral hoe je bloeddruk meet, tegenwoordig kan ik ook nog eens hart, longen en buik onderzoeken. En al dat lichamelijk onderzoek overtuigt mij ervan dat dokters goed zijn in wat ze doen. Maar ook dat ik voorlopig nog maar liever geen patiënt wil worden; want mensen die in je buik prikken zijn niet chill! *Oh, en oops: dat woord mocht ik niet meer zeggen. Dus vast ook niet meer schrijven. Excuus!*
Ik studeer dus nu voor mijn tentamen. Als ik ooit gedacht heb dat onze bachelorfase belabberd in elkaar zat als het gaat om toetsen: nee, vergeleken bij de masterfase is de bachelortoetsing een pareltje! Wat ik namelijk doe: zorgen dat ik alle oude tentamenvragen in handen krijg. Vervolgens zorg ik dat ik die allemaal uit mijn hoofd ken. *Dit klinkt overigens makkelijker dan het is; dat zijn wél zo'n 350 kantjes* En als ik dan de toets ga maken, haal ik een 8. Easy.
En onder het genot van dit mooie lied, ga ik maar zorgen dat ik al die vragen ken!
Er was eens een mooie, grote stad. De stad lag hoog op een heuvel. Er woonden veel mensen in de stad: Dansers, dichters. Politici, soldaten. Koopmannen. Wasvrouwen. Dokters. Zusters. Jonge mensen, oude mensen. Rijke mensen, arme mensen. En het was een gezellige stad. Overdag heerste er een vrolijke bedrijvigheid, 's avonds dichtten de dichters en dansten de dansers. En als je verdwaald was in de buurt van de stad, kon je altijd de weg terugvinden: het leek wel alsof de stad licht gaf.
Maar op een dag keken de mensen niet meer naar wat hen samenbond. De dichters vonden de dansers oppervlakkig. De soldaten vonden de dichters zwak. De oude mensen vonden de jonge mensen te wild. En de rijke mensen vergaten de arme mensen.
Een voor een vertrokken ze. De dichters vertrokken naar het zuiden, de dansers naar het noorden. En langzaam maar zeker verdween het licht van de stad.
Maar het was het ritme van de dansers, dat de dichters hun inspiratie gaf.
Het was het gedicht van de dichters, dat de soldaten hun kracht om te vechten gaf.
Het was het vuur van de jongeren, de wijsheid van de ouderen.
Het was het verhaal van de arme, dat was het delen waard.
Kom terug, roept de Koning van de stad. Kom thuis. Schijn je licht.
30 december, half 12. Bijna de laatste dag van dit jaar. Een ultiem moment om terug te kijken, nostalgisch te doen en bijna een traantje weg te pinken bij alle goede en minder goede herinneringen.
Want de mensen die mij kennen, weten wel dat 2011 niet het jaar zal zijn waar ik alleen maar positief op terugkijk. Persoonlijk waren er een aantal zaken die minder goed liepen, maar ook de studiekeuzetwijfels sloegen toe. En die sloegen heftig toe. Zo heftig, dat ik mijn doktersjas al bijna voordat ik 'm aanhad, aan de wilgen wilde hangen.
Gelukkig bracht 2011 ook veel goeds. Toen ik eenmaal besloot dat ik de doktersjas eerst moest passen voor ik 'm afdankte, bleek die verrassend goed te passen. Mijn vuur kwam terug, mijn enthousiasme, en vooral mijn grote dromen.
Verder ontmoette ik weer heel veel nieuwe mensen, maakte ik nieuwe vrienden en werden sommige oude vriendschappen weer uit het stof gehaald. Gave was een hoogtepuntje van het afgelopen jaar, wat heb ik er van genoten! Toen ik vanmiddag mijn Multiculti-plakboek aan ging vullen met de foto's van afgelopen jaar, waande ik me weer even in Lunteren. Nog even en ik mag weer aftellen naar volgend kamp!
Ik heb veel geleerd, afgelopen jaar. Ik heb geleerd dat roddelen niet tof is. Ik heb geleerd dat het belangrijk is om open te zijn. Ik heb geleerd om vriendschappen te waarderen, ze niet te overschatten, maar ze ook zeker niet te onderschatten. Ik heb geleerd door te zetten, te vechten voor mijzelf en mijn plekje op deze aarde.
En ik heb geleerd dankbaar te zijn voor elke nieuwe dag. Want hoe naar het soms ook was, in mijn grootste dieptepunten was God het meest dicht bij mij. En in het vertrouwen dat God er ook in 2012 zal zijn, durf ik aan Zijn hand het volgende jaar aan!
De kerstman woont op de Noordpool, Jezus is overal.
De kerstman komt maar één keer in het jaar, Jezus is er altijd voor ons.
De kerstman vult je kerstsok met kadootjes, Jezus vervult al je behoeften. Voor de kerstman moet je in de rij wachten, Jezus is altijd dicht bij je als je Hem aanroept.
De kerstman neemt je op schoot, Jezus laat je rusten in Zijn armen.
De kerstman kent je naam niet, al wat hij kan zeggen is: "Hé kleine meid of jongen, hoe is jouw naam?" Jezus kende onze naam al voor wij geboren zijn.
De kerstman zegt "Je mag niet huilen," Jezus zegt: "Breng al je zorgen bij Mij want Ik zal voor jou zorgen."
De helpers van de kerstman maken speelgoed, Jezus geeft nieuw leven en heelt een gebroken hart.
De Kerstman antwoordt niet op je briefjes met wensen voor kerst, Jezus hoort al je gebeden en helpt je dan ook echt.
De Kerstman legt je cadeautjes onder een boom, Jezus werd jouw cadeau en stierf aan een boom.
Ik vlieg. Met een razende gang.
Door de achtbaan
De achtbaan van het leven.
Rustige start.
Sneller.
Sneller.
En dan
Ineens
Over de kop.
Dubbele schroef.
En weer rechtdoor. Met een razende gang.
Alsof die achtbaan
Die achtbaan mij alles kan geven.
Achterstevoren.
Sneller.
Sneller.
En dan
Ineens
Stilte
Het einde.
En nooit meer door. Ik ben niet bang
Want die achtbaan
Die achtbaan, dat is geen leven.
O dear. Dit klinkt misschien wel een klein beetje suïcidaal. Don’t worry: dat ben ik absoluut niet. Ook al is mijn leven een achtbaan, met schroeven, buitelingen en versnellingen, toch geniet ik ervan. En ben ik dankbaar. Alleen verlang ik soms wel naar een korte onderbreking, een pauze in de achtbaan van het leven. Maar zolang die pauze buiten zicht lijkt, moeten we ons tevreden stellen met ons plaatsje in de achtbaan. Huilend om mensen die uitstappen, genietend van mensen die instappen. Zingend en biddend op de angstige momenten. Lachend en dankend op de vrolijke momenten. Maar bovenal: volop genietend van alles wat ik krijg!
*ik ben in een avontuurlijke, nostalgische Walibi-stemming. En achtbanen lenen zich heel goed voor filosofie.Wie weet volgen er nog wel meer achtbaan-verhalen!*
Nu Sint Nicolaas weer op de terugreis naar Spanje is, is het tijd geworden om vooruit te kijken naar Kerst, het grote feest van Gods liefde.
Het feest van een God die zijn enige Zoon stuurde, om ons te redden. Het feest van licht, langer wordende dagen, gezelligheid. Maar vooral het feest van Love Divine.
En wie kunnen beter het oude verhaal van die ene kerstnacht in Bethlehem, ruim 2000 jaar geleden, vertellen dan jonge, onbevangen en onbevooroordeelde kinderen? Watch and enjoy!
Ik kocht een CD. Een hele mooie. En een hele bijzondere! Er staan zoveel mooie pareltjes op die CD, maar het nummer hieronder is een perfecte beschrijving van hoe ik wil leven: vol liefde voor mensen om mij heen, toegewijd aan God alleen.
-------------------------------------------------
Carry each other's burdens
Carry each other's burdens
And in this way you will fulfill
the law of Christ
Be devoted to one another in brotherly love
Be devoted to one another in brotherly love
Honor one another above yourselves
Never be lacking in zeal
But keep your spiritual fervor
Keep your spiritual fervor
Serving the Lord
Love one another
Serve one another
Pray for each other
Encourage one another
And build each other up
Ik heb iets ontdekt. Iets verslavends. Iets heel erg ontzettend leuks.
Heel vroeger hadden mijn papa en mama geen TV. Later, nog steeds erg vroeger, besloten ze toch een TV te kopen, en ik was dolgelukkig daarmee. Want er was één programma dat ik het liefst elke dag zou willen kijken: LoveLetters. Je weet wel: dat programma van Linda de Mol, waarin drie stelletjes zo hard mogelijk hun best deden om diezelfde avond nog te kunnen trouwen. Behalve alle spelletjes die ze speelden, werden ook hun huwelijksaanzoeken uitgezonden. En ik vond dat zó romantisch! Helaas verdween dat programma van de buis en tot mijn grote spijt staat er geen enkele aflevering op UitzendingGemist.
Maar gelukkig bedacht RTL op een goede dag om dat oude concept eens te vernieuwen. Dus nu wordt er een programma uitgezonden wat er erg op lijkt, maar toch heel anders is: Let's get married. Inclusief romantische aanzoeken *smelt*. En I like it! Een klein beetje nostalgie, maar toch ontzettend leuk!
In het echte leven maakte ik vrijdag trouwens iets bijzonders mee: een heuse keizersnede, oftewel een Sectio Caesarea. Het was zó tof om daarbij aanwezig te zijn! Eerder schreef ik over de gewone bevalling, maar een keizersnee is zo anders! Het gaat ontzettend snel: 20 minuten nadat mevrouw op de operatiekamer is (want, voor het geval je dat nog niet helemaal wist, een keizersnee is een operatie), is het kindje al geboren. Maar net als bij een gewone bevalling, is het geluk in de ogen van de kersverse ouders echt een cadeautje om te zien. Ik blijf het speciaal vinden om zo bij het begin van iemands leven op aarde te zijn!
Aan het begin van mijn weekje op OK had ik al tegen studiegenootjes gezegd dat ik heel hard hoopte dat ik nog een sectio mee zou maken, en mijn studiegenootjes konden vast aan me zien dat dat gelukt was: ik heb voor m'n gevoel de hele dag met een glimlach van oor tot oor gelopen.
Morgen begint trouwens mijn laatste weekje op de Gynaecologie! Ik ben heel blij dat ik nog een weekje mag, maar ik zal het ontzettend jammer vinden wanneer mijn laatste dagje voorbij is.. Gelukkig mag ik tot die tijd nog vier dagen, en daar ga ik intens van genieten!
Ik vraag me af of je me op straat zou herkennen, maar zo loop ik er deze week bij! Niet direct de meest flatterende kleding, ook niet de meest handige kleding. Maar wel de meest veilige kleding als het gaat om patiënten, steriliteit en veiligheid. En stiekem vind ik het heel stoer om in zo'n pakje rond te sjouwen. Hoewel: je sjouwt er niet bepaald mee rond; vanwege de steriliteit mag je alleen maar op de operatiekamer lopen, en vanwege diezelfde steriliteit mag je nergens meer aanzitten zodra je je handen hebt gewassen. Daarna krijg je die mooie groene jas en vervolgens mooie witte handschoenen, zodat je echt helemaal vrij van bacteriën bent.
En dan kan het echte werk beginnen! De snee wordt gezet, de wond wordt gemaakt.. En het beste zicht heb je als je steriel staat, dus in een stoer apepakje loopt.
Het zal je niet verbazen dat ik deze week op OK sta. En het is er leuk! Ik sta weliswaar niet de hele dag steriel, maar de toppertjes zijn natuurlijk de OK's waar ik wel steriel mag staan en dus heel (en dan ook echt héél) dicht op het sneegebied sta. En dat is leerzaam. En leuk. Want eindelijk mag ik dan toch echt iets doen wat er toe doet! Voor alle duidelijkheid: ik snij niet zelf. Ik opereer niet zelf. Ik houd alleen maar instrumenten vast, geef dingen aan en kijk mee. En leer heel veel.
Ik dek me altijd een beetje in als iemand me vraagt wat ik wil worden ('Gynaecoloog natuurlijk. Maar dit is dan ook mijn eerste co-schap'), maar stiekem weet ik het al zeker: ik word gynaecoloog! De ideale combinatie van luisteren, denken en doen!
Vandaag gingen huisgenootje E. en ik eten bij oud-huisgenootje H. Enorm gezellig, omdat we elkaar al een tijdje niet hadden gesproken. We hebben heerlijk gegeten en ontzettend fijn bijgekletst. Een geslaagde avond dus!
En toen splitsten onze wegen zich bij het station; we moesten helaas alledrie een andere trein nemen. Ik besloot naar mijn trein te lopen en een lekker rustig plekje op te zoeken, zodat ik mijn boek verder kon lezen. Dat lukte: ik vond een heerlijk plekje en zat nog even lekker voor me uit te staren en na te denken over de afgelopen dag. Toen stapte er iemand de coupe in. Hij groette mij netjes, waarop ik, welopgevoed als ik ben, keurig teruggroette en voor me uit bleef staren. Toen kwam de eerste vraag: 'Weet jij hoelang het duurt voor we in ... zijn?' Nou, toevallig wist ik dat; dat was namelijk ook mijn eindbestemming. Van het een kwam het ander; we raakten erg gezellig aan het kletsen. Over van alles en nogwat: over geloof, studie, werk, leven, multiculti. Meneer bleek katholiek, en ik gereformeerd. Maar 'het maakt niet uit hoe je eruitziet, het gaat om God en om je hart' was onze conclusie. En dan maakt het niet uit dat ik Nederlands ben en hij niet. En dat hij een kruisje slaat en ik niet. Mooie conclusie, vond ik!
Bijzonder dat gesprekken met wildvreemden soms zo waardevol zijn. Ook al duren ze maar kort en blijft het bij een oppervlakkig kennen. Ook al scheidden onze wegen zich zodra we op onze bestemming aankwamen.
Ik weet het zeker: zulke gesprekken zijn waardevolle knipoogjes van mijn Koning en Vriend!
Vandaag waren dan eindelijk mijn cupcakes af. En ik ben tevreden, en stiekem best wel een beetje trots op het eindresultaat:
Gelukkig smaken ze ook erg lekker. De appelcake die ik gisteren in elkaar prutste, viel overigens in de smaak; hoewel ik 'm zelf ietwat mislukt vond. Maar ik weet hoe het komt: als je boter laat smelten in de magnetron, is het niet handig als je dat vergeet. Daar wordt het botersoep van. Dus. Les voor de volgende keer: let op als je boter in de magnetron stopt!
Voorlopig is het echter gedaan met mijn bakplezier. Buiten het feit dat ik eerst op moet maken wat ik heb, ga ik morgen heerlijk stadten en heb ik, oh, leukheid, een symposium. En vrijdag kan ik niet. En daarna begint het werkende leven opnieuw, voor twee lange, leuke weken! De keuze tussen leuk bakken en leuk werken is zo makkelijk nog niet..! Lang leve het studentenleven, waarin elke willekeurige combinatie mogelijk is:).
Ik geniet. Van een weekje pauze. Een weekje geen bevallende dames. Een weekje geen poli. Een weekje geen OK.
En ik verveel me. Ik verveel me suf. En ik bedenk telkens weer hoe leuk het is om arts in spé te zijn. En dus moet ik mijn tijd door zien te komen en me voor zien te bereiden op mijn weekje OK.
Vandaag ontdekte ik echter al dat je zelfs op je meest vrije dag nog een verkeerde planning kan maken. Ik mocht uitslapen van mezelf. Dat is zeker gelukt: om kwart over 10 besloot ik mijn warme bedje uit te stappen. Toen besloot ik cupcakejes te gaan bakken. Die waren rond 13.00u eindelijk klaar (dat is: uit de oven). Toen besloot ik de keuken op te gaan ruimen. Toen bedacht ik dat ik beloofd had voor mijn coachgroep van morgen iets lekkers mee te nemen. Dus dat betekende: shoppen of nog iets lekkers bakken. Ik besloot: ik maak cake. Appel-kaneelcake. Die staat, as we speak, in de oven. En ik bedacht dat mijn broertje morgen jarig is. Een kaartje is dan wel zo aardig. En ik heb kring vanavond. Dat moest ook nog voorbereid worden.
Uiteindelijk: is de keuken schoon, netjes en geordend. Staat de appelkaneelcake in de oven. Is het kaartje voor mijn broertje onderweg naar zijn bestemming. Is kring voorbereid. Zijn de cupcakes nog steeds niet versierd. En ben ik niet bepaald uitgerust.
Morgen is er weer een dag:).
Welkom in de wondere wereld van de gynaecologie en verloskunde. De wereld waar pijn fijn is en bloed goed. De wereld waar grootse dingen, in kleine baby's verpakt, gebeuren.
De wereld waar beschuit met muisjes geen bijzonderheid is, maar een dagelijkse traktatie.
Welkom op de verloskamers.
Welkom in mijn wereld.
Voor ik begon aan mijn weekje verloskamers dacht ik: en nú zal ik zien of ik ooit zelf nog kinderen wens te krijgen. Ik hoorde de angstige verhalen van andere co-assistenten al om me heen: 'bevallen is zo'n ellende, dat ik dat mezelf (of: mijn partner in het geval van onze mannelijke gyn-co) niet aan wil doen!' En bevallen is pijnlijk. Bevallen is naar. Bevallen is een ellende.
Maar toch is het zó tof! Zo'n wriemelend, klein mormeltje dat dan ineens van de binnenkant van je buik naar de buitenkant van je buik floept.. Wonderlijk!
En het bijzondere is: ik was erbij. Ik was erbij toen kleine Tim (not his real name) zijn eerste ademteug nam. Ik was erbij toen hij voor het allereerst begon te huilen. Ik maakte mee hoeveel pijn zijn moeder leed, hoe gestressd zij was voor haar kindje geboren werd. En ik maakte mee hoe trots, gelukkig en blij zij en haar man waren toen hij er eenmaal was. Bizar, om te zien hoe anders een vrouw is als haar kind eenmaal geboren is! Ik geloof niet dat ik ooit iemand gelukkiger heb zien zijn, genietend van de eerste momenten samen met haar kindje. Wonderlijk!
Verloskunde: ik houd ervan.
Ik word dokter. En ik geniet!